Banner trap
< terug naar nieuwsbrief

Beroepslezen

Een rubriek over lezers met een klassiek beroep. Wat betekenen boeken voor hun werk?


Actrice en vertaalster Ariane Schluter

Ariane Schluter speelde bij Het Nationale Toneel, Orkater, Het Toneel Speelt en De Mexicaanse Hond, en ontving voor haar acteerwerk tweemaal de prestigieuze Theo d’Or Toneelprijs. Daarnaast is zij onder meer bekend van haar rollen in de films van Alex van Warmerdam (De Jurk, Kleine Teun, Ober, het internationale succes Borgman) en vertolkte zij de titelrol in de film Lucia de B. van Paula van der Oest.

‘Acteren is verhalen vertellen. In het familiedrama Augustus: Oklahoma van Tracy Letts, de voorstelling van Toneelgroep Maastricht waarmee ik nu in het theater sta, speel ik Violet, de manipulatieve, uiterst vileine moeder van het gezin. Als actrice moet ik mij in de meest duistere personages verdiepen, met mededogen en zonder hen te veroordelen. Literatuur is daarbij een onuitputtelijke bron van inspiratie.

In haar roman De grote cirkel (vertaald door Lucie Schaap en Marion Drolsbach) geeft Maggie Shipstead een geestige inkijk in de wereld van Hollywood. Haar genuanceerde beschrijving van de actrice Hadley Baxter, die zich voor een filmrol volledig in het leven van luchtvaartpionier Marian Graves stort, getuigt van groot psychologisch inzicht. Veel bewondering heb ik ook voor het werk van Marijke Schermer (Liefde, als dat het is) en Jaap Robben (Birk). Maar het meest heb ik misschien nog wel van de boeken van Jonathan Franzen geleerd. Kruispunt, in de weergaloze vertaling van Peter Abelsen, was na De correcties weer een nieuw hoogtepunt. Met scherpe blik toont Franzen de verschillende gezinsleden in al hun onzekerheid, bekrompenheid, grootsheid, eigenwaan en hartverscheurende tragiek. Die binnenwereld is waar ik naar op zoek ben; het gaat mij om levens, niet per se om de plot.

Juist wat niet gezegd wordt, is vaak van groot belang. Hoe suggereer ik als actrice de gevoelens die onder de woorden schuilgaan? Dichters weten dat onbenoembare als geen ander te vatten. Een recente ontdekking is Virgula van Sasja Jansen. “Ik schrijf je omdat je in mijn ooghoek bungelt,” zo richt ze zich tot de komma, die in deze bundel veel meer dan een simpel leesteken is. Op mijn zeventiende ontdekte ik het werk van Gorter, Achterberg en Nijhoff. Snikkend schreef ik versregels van Kopland op de muur van mijn kamertje. Die muzikaliteit, die klanken, dat ritme; daar is mijn liefde voor taal begonnen.

Het voelde dan ook als een logische stap om te gaan vertalen. Ik begon met toneelteksten, maar inmiddels heb ik meerdere romans vertaald, zoals Daddy van Emma Cline en Winteren van Katherine May. En zelfs de graphic novel Cassandra Darke van Posy Simmonds, over een egocentrische Londense kunsthandelaar, een meesterlijk personage dat zich uitstekend voor een verfilming leent. Of ik nu speel, lees of vertaal, uiteindelijk komt het allemaal op hetzelfde neer: denken met andermans hoofd.’

Interview en foto: Jacinthe Sykora

Inschrijven nieuwsbrief